Nederland wordt schoner

Op de achtste nationale natuurschoonmaakdag afgelopen 21 maart, is voor het tweede opeenvolgende jaar minder zwerfafval verzameld. Ook dit jaar deden ongeveer 11.000 vrijwilligers mee, maar werd een groter areaal bezocht.

Bericht:

Rubriek:

21 maart 1998

Inzameling

"We zien de laatste jaren dat er steeds minder zwerfafval in recreatiegebieden voorkomt. Bij de nationale natuurschoonmaakdag wordt daarom of minder afval ingezameld, of moet in een groter gebied worden ingezameld," aldus de heer De Boer van de Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging, een van de initiatiefnemers van de actie. "Onze ervaring is dat Nederland steeds schoner wordt. In gebieden waar wij al eens een schoonmaakactie hebben gehouden, zie je dat er aanmerkelijk minder vuil ligt. Het blijkt dat men niet de eerste vervuiler wil zijn en gebieden die schoon zijn blijven daarom langer schoon."

Er is echter ook een ontwikkeling in tegenovergestelde richting. "In de omgeving van gemeenten die tarieven hanteren voor het afval, hebben wij de indruk dat dit een negatief effect heeft op het zwerfafval. Het gaat dan vooral om zaken als autobanden en chemisch afval, hoewel we ook asbest zijn tegengekomen. Bij gemeenten die daar coulant mee omgaan zie je toch veel minder zwerfafval.

Over zwerfafval is weinig bekend. Jaarlijks wordt bij benadering 100 kton afval achtergelaten in recreatiegebieden. En kwart daarvan is zwerfafval. Zwerfafval kost veel geld. Gemeenten geven 600 miljoen uit per jaar om al het zwerfafval in te zamelen, terwijl Rijkswaterstaat daar nog eens 13 miljoen bij doet voor het schoonmaken van rijkswegen.

De Stichting Nederland Schoon, de andere initiatiefnemer van de dag, maakt zich zorgen over de ontwikkelingen bij gemeenten. Tariefdifferentiatie is een zorgpunt, maar nog zorgelijker vindt zij dat sommige gemeenten het grofvuil niet meer gratis maar tegen aanzienlijke tarieven ophaalt. Volgens de stichting is de doelstelling van deze maatregelen toe te juichen, maar wordt te luchtig gedaan over de negatieve gevolgen. Woordvoerster De Jongh van de stichting stelt daarom dat de verminderde hoeveelheid afval geen reden is om nu de teugels te laten vieren. "Zorgelijk is dat het type afval verandert. Men laat inderdaad minder afval 'per ongeluk' achter. Daar tegenover zie je wel een stijging van de ongewenste dumpingen van individuen en bedrijven."

Verder signaleert mevrouw de Jongh dat regelmatig burgers hun afval brengen naar inzamelpunten op jachthavens, kampeer- en dagrecreatieterreinen, waarvan de beheerder het vervolgens tegen hoge kosten moet laten verwerken. In een aantal gevallen hebben deze beheerders daarom besloten de inzamelsystemen helemaal te verwijderen of hebben ze de systemen moeilijk toegankelijk gemaakt voor de burgers in het algemeen, maar daarmee ook voor de betreffende recreanten.

 


© Uitgeverij Noordhoek BV