Bericht:

Rubriek:

5 oktober 1998

Inzameling

Geen bijzondere gezondheidseffecten bij gft

Consumenten lopen geen bijzondere gezondheidsrisico's vanwege GFT (Groente-, Fruit- en Tuinafval) -afval mits de GFT-emmer binnenshuis meer dan eens per week geleegd wordt. Dat is de belangrijkste conclusie van onderzoek naar de gezondheidseffecten door het gescheiden inzamelen en ophalen van GFT-afval. Het onderzoek vond plaats in opdracht van de ministeries van VROM en SZW (arbeidsomstandigheden).

De hoeveelheid producten afkomstig van schimmels en bacteriën in huisstof is wel groter als de GFT-emmer binnenshuis eenmaal per week (of nog minder) wordt geleegd. Dit kan van invloed zijn op de gezondheid van mensen met astma of allergieën. De aanwezigheid van textiele vloerbedekking (al dan niet in combinatie met een gft-emmer in huis) veroorzaakt aanzienlijk meer van deze producten dan de GFT-emmer. Ook afvalophalers komen door gescheiden GFT-inzameling niet met grotere hoeveelheden van deze uitscheidingsproducten in contact dan bij de inzameling van rest- of gemengd afval. Ongeacht het soort afval komen afvalophalers in 35% van de gevallen in contact met een gehalte van deze uitscheidingsproducten dat hoger is dan de advieswaarde van de Gezondheidsraad. In vervolg op het onderzoek treedt het ministerie van SZW (arbeidsomstandigheden) met de Nederlandse Vereniging van Reinigings- en Afvalverwijderingsdeskundigen (NVRD) en de Vereniging van Afvalverwerkers (VVAV) in overleg met het oog op mogelijke maatregelen om de geconstateerde gezondheidseffecten te kunnen terugdringen.

Het onderzoek naar eventuele gezondheidseffecten is uitgevoerd onder 100 huishoudens, waarvan 49 met een GFT-emmer binnenshuis. Huisstofmonsters leverden de gegevens over de hoeveelheden uitscheidingsproducten van bacteriën en schimmels waarvan wordt verondersteld dat zij negatieve gezondheidseffecten kunnen hebben. Voor de gevolgen voor afvalophalers van 155 personen deel aan het onderzoek dat onder andere uit het invullen van een vragenlijst bestond. Bij ongeveer de helft van de ophalers heeft long- en bloedonderzoek plaatsgevonden. Om de relatie tussen de ophaler en zijn omgeving te kunnen bepalen zijn 180 metingen van hoeveelheden uitscheidingsproducten van schimmels en bacteriën in de lucht gemeten. Uit dit onderzoek bleek dat de hoeveelheden van schimmels en -bacteriën niet wordt bepaald door de soort afval; GFT, rest of gemengd. Wel bleek dat afvalophalers in een aantal gevallen met hoeveelheden in contact komen die boven de advieswaarde van de gezondheidsraad liggen. Uit het gezondheidsonderzoek bleek vervolgens ook dat een lichte mate van ontsteking van de bovenste luchtwegen bij afvalophalers vaker voorkomt dan bij andere beroepsgroepen. 


© Uitgeverij Noordhoek BV